gaming sinds 1997

Thibaut’s Think Tank: Score-inflatie en waarom wij reviewers schuld treffen

Hoi iedereen! In deze wederkerende rubriek ga ik telkens proberen een heikel topic in de gamewereld te behandelen. Ik hoop van harte dat het jullie boeien kan en dat het kan leiden tot interessante discussies. Wie opmerkingen of suggesties heeft, mag die altijd mailen naar thibaut@crew.fragland.net of reageren in de comments. Aftrappen doen we met score-inflatie, een fenomeen dat alsmaar gekkere vormen begint aan te nemen.

Score-inflatie? Was ist das? Goede vraag. Simpel gezegd is dat het fenomeen waarbij gamerecensenten steeds gemakkelijker en herhaaldelijker (zeer) hoge scores uitdelen aan videogames. Soms zijn monsterscores terecht, maar minstens even vaak worden games beloond met een cijfer dat op zijn zachtst gezegd lichtjes gevleid is.

Laat mij beginnen met een ding duidelijk te stellen: er is op zich niets verkeerd met hoge reviewscores. Pure toppers à la Mass Effect 2 of Uncharted 2: Among Thieves zijn klassiekers die binnen vijf jaar nog steeds in het collectieve gamersgeheugen zullen zitten. En die verdienen ook een hoge score. Goede studenten worden toch ook beloond met een mooi rapport?

Maar er zijn grenzen. En die worden steeds vaker overschreden. Een perfecte 10/10 wordt steeds sneller uitgedeeld aan games die in geen honderd jaar die stempel verdienen. Ik neem als voorbeeld onze Japanse vrienden van het toonaangevende spelmagazine Famitsu (zo’n beetje de Bijbel onder de vakbladen in Japan). Tussen 1998 en 2008 heeft Famitsu welgeteld zes games met een perfecte 40/40 beloond (Zelda: Ocarina of Time, Soul Calibur, Vagrant Story, Zelda: The Wind Waker, Nintendogs en Final Fantasy XII). Nu kan je je vragen stellen bij Nintendogs, maar er valt moeilijk te ontkennen dat de andere vijf zeker hun plaatsje verdienen in de denkbeeldige hall of fame van de gamesbiz.

‘Valt toch best mee?’, hoor ik jullie unisono denken. Dat vind ik ook, maar het probleem situeert zich in de recentere periodes. Tussen 2008 en 2010 gaf Famitsu aan maar liefst negen games een perfecte score. Dat is dus anderhalf keer zoveel in drie jaar tijd dan in de tien jaar ervoor! Nu valt wel iets te zeggen voor Super Smash Bros. Brawl en het magistrale Metal Gear Solid 4, maar zijn er werkelijk mensen die vinden dat pakweg Bayonetta (erg goed spel, daar niet van) en Monster Hunter Tri een plaatsje verdienen in het pantheon naast Ocarina of Time? Didn’t think so.

En het kan nog gekker! Wat dacht je bijvoorbeeld van de vrolijke Fransen van PSM3, die Uncharted 2 met een ronduit ridicule 21/20 decoreerden? What’s next? 25/20 voor Uncharted 3? 107% voor Mass Effect 3? Met dergelijke stunts haalt een recensent zijn geloofwaardigheid met een harde smak onderuit. En terecht, wat mij betreft. Hoe kan je immers aan een weldenkende gamer uitleggen dat een spel beter dan perfect is, zonder dat die in een lachbui uitbarst?

Maar wie zonder zonde is, werpe de eerste steen. Ook ik heb mij in het verleden al bezondigd aan topscores die achteraf bekeken iets te hoog lagen, denk maar aan Okami (94%, 90% was correcter geweest) of Tom Clancy’s G.R.A.W. 2 (92%? Pijnlijk: 85 more like!). Ook bij enkele scores van mijn lieftallige collega’s heb ik vragen, maar die houd ik wijselijk voor mezelf.

Het fenomeen beschrijven is echter één ding. Een antwoord bieden op de vraag naar het waarom is al heel wat moeilijker. Ik kan ook niet één alles verklarende reden geven -het probleem is complexer dan dat – maar hieronder alvast enkele zaken die volgens mij een rol spelen.

Een eerste reden is zonder twijfel tijdsdruk. Reviewers proberen steeds zo snel mogelijk hun lezers van een degelijke bespreking te voorzien, in de hoop te kunnen vermijden dat zij hun zuurverdiende centjes spenderen aan games die ze eigenlijk helemaal niet leuk vinden of die gewoon ronduit bagger zijn. Maar in al onze ijver om snel te zijn, vergeten we soms wat afstand te nemen. Vaak zijn recensenten nog steeds onder de indruk van de initiële impact van een spel wanneer ze hun artikels schrijven. Vergelijk het met je eerste weken verliefdheid: in het begin lijkt alles perfect, maar als je enkele weken later wat nuchterder terugblikt, blijkt dat je toch wat mindere kantjes hebt over het hoofd gezien.

Een tweede verklaring is ook gewoon dat er ook gewoon steeds meer toppers zijn. De budgetten voor games gaan steeds maar omhoog, wat ook een positieve invloed heeft op de kwaliteit. Developers krijgen ook steeds meer ervaring. Videogames zijn nog steeds een jong medium, maar zijn wel reeds de luiers ontgroeid. Ontwikkelaars hebben reeds kunnen leren van hun fouten en fouten van anderen. Ze weten steeds beter wat werkt en niet werkt en dat leidt uiteraard tot betere games.

Samen met de games dienen echter ook de maatstaven waartegen we hen beoordelen mee te groeien. Een game die vorig jaar een 9/10 haalde, zou die nu niet meer mogen halen. Anders leidt dat tot inflatie: om in een dergelijke situatie uitzonderlijke games te bekronen, moeten steeds hogere scores worden uitgedeeld, tot het uiteindelijk lachwekkend wordt. Met andere woorden: wij moeten strenger worden en enkel nog 90%-scores schenken aan die paar games die werkelijk iedereen zou moeten hebben. Ik denk persoonlijk aan een zestal games per jaar (een per twee maanden). Het zou al wat anders zijn dan de 15 games (in 20 versies) die vorig jaar zo’n score in de wacht sleepten.

Uit persoonlijke ervaring weet ik echter dat heel veel gamers enkel 90+-games kopen. Op zich is dat geen slecht principe (voorzichtigheid kan nooit kwaad), maar met de devaluatie van een 90+-score (die ik hopelijk met dit artikel heb kunnen aanwijzen), vergroot ook voor hen het risico op een miskoop. Ook bij het publiek moet er dus een mentaliteitsverandering komen: ook games met 80+ zijn toppers, die zeker de aanschaf waard zijn.

Scores bieden de voordelen van eenvoud en makkelijke vergelijkbaarheid. Ideaal zou echter zijn dat scores gewoon weggelaten worden en de tekst op zich volstaat, maar zover zijn we uiteraard nog lang niet.

In tussentijd dienen we ons bewust te zijn van de huidige evolutie van inflatoire reviewscores en moeten we proberen er iets aan te doen. Dat betekent dus kritischer en strenger punten geven. We zullen ongetwijfeld nog grandioos in de fout gaan (fouten maken is menselijk), maar we moeten de kans op fouten zo klein mogelijk maken.

Thx for reading en tot de volgende!


geplaatst in: Specials
tags:


Leave a Reply