gaming sinds 1997

Tom Clancy’s Splinter Cell 3: Chaos Theory

Een bruid staat net op het punt de kerk te betreden. Haar moeder snelt nog gauw ter hulp. De bruid heeft immers haar korset niet goed genoeg aangetrokken. Strak in het pak wandelt de bruid vervolgens samen met haar bruidegom de kerk binnen. Aangekomen aan het altaar stelt de priester haar “de vraag”. Maar hemeltje lief, de bruid heeft geen adem meer nadat haar moeder het korset zo strak aantrok. Dus snelt de moeder wederom ter hulp en geeft ze haar dochter een Airwave. Opgelucht en vol overgave geeft de bruid een volmondige “Ja” als antwoord. Komt dit verhaal je bekend voor? Dan hoor ook jij tot de ongelukkige die de reclamespot voor Airwaves heeft gezien. Wat heeft Chaos Theory in godsnaam gemeen met deze irritante reclame?

Chaos Theory is allesbehalve irritant en mijn konthaar gaat er niet van steigeren, maar bepaalde delen in het spel zijn er toch ietsje over. Zo neemt Sam in de eerste cut scene nog gauw een Airwave in zijn mond alvorens hij in het actiegebied wordt gedropt. Product placement noemen ze dat in marketingtermen en je ziet het tegenwoordig steeds vaker in spellen. Het promoten van een product of een merk in een spel vind ik niet erg, zolang het niet al te fel opvalt. Maar het voorbeeld wat ik hierboven al aanhaalde, geeft toch aan dat het in Chaos Theory allesbehalve onopvallend is. Sam Fisher, de stoere, charismatische en uiterst lenige held associeer ik nu met Airwaves; de kauwgum met de uiterst irritante reclamespot. Gelukkig treedt er later in het spel ook een product placement op van Axe, de deodorant die het hart van vrouwen op hol doet slaan; iets waar ik mezelf al te graag mee associeer.

Maar genoeg marketinggeleuter, er zijn belangrijkere dingen te zien en doen in Chaos Theory. Het verhaal is wederom typisch Tom Clancy en samen te vatten in één zin; Noord-Korea en China werken samen om de Japanse economie te dwarsbomen. Van mijn part mogen ze in het volgende deel afstappen van die terreurverhaaltjes. Het belemmert namelijk de betrokkenheid in het verhaal. Want geef toe; we hebben het wel gehad met terroristische aanslagen. Het wordt eens tijd voor een nieuw gevaar. Het verhaal vind ik nog steeds het zwakste punt in de Splinter Cell reeks omdat er heel weinig betrokkenheid met de personages wordt geschept. Maar dat is puur persoonlijk natuurlijk; er zullen zeker liefhebbers zijn van dit soort spionage/terreur verhalen. Chaos Theory intrigeert mij dan ook het meeste met zijn gameplay en niet met de verhaallijn.

En die gameplay is weer om van te smullen. Sam heeft ondanks zijn leeftijd toch nog een aantal nieuwe bewegingen geleerd. Om die onder de knie te krijgen, is de tutorial uitgevonden. Tot mijn grote spijt bevat CT geen speelbare tutorial, maar enkel een aantal filmpjes die tot overmaat van ramp behoorlijk haperden. Je leert het natuurlijk het best al doende, maar omt de tutorial niet speelbaar is, moet je in de eerste missies toch een beetje gissen naar de nieuwe mogelijkheden van sneaky Sam. Dit leidt echter nooit tot momenten waar je radeloos op je knoppen zit te rammen. Zo vernieuwend zijn de nieuwe moves immers niet. Het gaat vooral om lichte aanpassingen die Sam net dat tikkeltje meer geven. Zo heeft hij tegenwoordig een mes tot zijn beschikking. We beseffen allemaal wat voor een schade een dergelijk mes in de keelstreek kan verrichten, maar het heeft ook nog andere functies, zoals het opensnijden van tenten en het piercen van generatoren, waardoor de stroom uitvalt. Kennelijk heeft UbiSoft mijn gebeden uit de vorige review gehoord, want het is nu ook mogelijk om lampen tijdelijk uit te schakelen met behulp van je pistool. Dit is een enorme opluchting voor iemand die opgegroeid is met gloeilampen en telkens in een huilbui vervalt als er eentje sneuvelt. Twee duimpjes omhoog dus voor UbiSoft.

De combinatie van nieuwe bewegingen en het dragen van een mes geeft Sam meer mogelijkheden dan ooit tevoren. Deze gaan van het simpelweg in de afgrond duwen van een tegenstander tot het geven van messteken in de maagstreek. Daarnaast kan Sam nu in zijn hanging duck positie (lees: ondersteboven aan een touwtje) de nekken van tegenstanders in één handomdraai breken. Dit is natuurlijk een stoere beweging, maar doordat je ze niet vaak kan uitvoeren, verliest ze een beetje aan waarde. Eén beweging die mij bijzonder kon boeien is het intrappen van deuren. Dit wordt pas echt leuk als er aan de andere kant een bewaker staat, die vervolgens tegen de grond wordt geslagen door de ingetrapte deur. Al bij al zorgen de nieuwe bewegingen voor aardig wat memorabele gameplaymomenten.

Een groot mikpunt van kritiek op de vorige Splinter Cell games was de trial and error gameplay. Je moest soms wel tien keer een bepaald deel van de missie opnieuw proberen en dat leidde vaak tot frustraties. Dit was vooral te wijten aan de checkpoint saves. In Chaos Theory is het echter mogelijk om het spel op te slaan waar en wanneer je wilt. Dit verlaagt niet alleen de trial and error gameplay, maar geeft je ook een minder gehaast gevoel, waardoor je in alle rust kan verder sluipen en je niet hoeft te haasten tot het volgende checkpoint. Een ander neveneffect van het toevoegen van een quicksave mogelijkheid is de lagere moeilijkheidsgraad. Ervaren spelers zullen merken dat Chaos Theory een stuk gemakkelijker uit te spelen is dan de vorige delen. Niet getreurd echter, want het blijft de beste stealth game op de markt. Of is het niet meer zo stealth als vroeger?

Waar je in vorige delen enkel kon kiezen voor de sneaky aanpak, heb je nu namelijk ook de mogelijkheid om tijdens bepaalde missies meer de actietour op te gaan. Vooraleer je een missie begint, kan je jouw uitrusting kiezen, gaande van stealth tot assault. Het verschil zit hem dan in het aantal en soort kogels of granaten die je meesleurt. Ik zie echter weinig nut in deze toevoeging. Splinter Cell draait nu eenmaal om sluipen en niet om hersenloze actie. Ik betwijfel dan ook of er spelers zijn die voor de assault uitrusting kiezen. Het is toch veel cooler om een bewaker van achter te besluipen, hem in een wurggreep nemen om na een korte, maar zeer grappige vragenronde zijn keeltje dicht te pitsen.

Het viel me meteen op dat er in Chaos Theory heel wat meer humor zit. Vooral tijdens de ondervragingen met de vele bewakers komt Sam af en toe erg grappig uit de hoek. Een voorbeeld: op een gegeven moment hoor je een bewaker praten over zijn avonturen op een olieplatform, waar een zekere ninja hem het leven zuur maakte (lees: die ninja was jij in Pandora Tomorrow). Als je de nietsnut vervolgens beetneemt, is hij dol enthousiast dat hij door diezelfde ninja zal vermoord worden. Na zijn legendarische woorden: “Wow, I’ve never been killed by a ninja before”, besluit ik zijn droom waar te maken en hem naar het hiernamaals te sturen, ook al ben ik niet echt een ninja. Deze humor doorbreekt de serieuze sfeer en geeft het spel een wat luchtiger tintje.

De missies in Chaos Theory zijn vrijwel hetzelfde als die uit de vorige delen met hier en daar wat veranderingen. Zo kan Sam nu computers hacken om op die manier geheime informatie te achterhalen. Het systeem dat hiervoor wordt gebruikt is vrij eenvoudig. Links heb je een lijst met telkens een viercijferreeks. Rechts heb je tevens vier cijfers en telkens als er eentje van oplicht, moet je dat belichte cijfer vastleggen. Op die manier sluit de computer bepaalde cijferreeksen uit, totdat er nog maar één over blijft. Geloof me, het klinkt een stuk complexer dan het eigenlijk is. Daarnaast is het nu mogelijk om bijmissies die je in je vorige level niet hebt afgerond verder uit te voeren in het volgende level. Naast deze bijmissies zijn er natuurlijk ook de hoofdmissies. Nieuw zijn echter de optionele missies waar je meestal bepaalde voorwerpen moet vinden, zoals afluistermicrofoons, of kisten moet scannen met je nieuwe EMF scanner. Deze functie zit nu in je verrekijker verwerkt en wordt hetzelfde bediend als de verschillende kijkerfuncties zoals nacht –en warmtekijker. Al bij al speelt Chaos Theory in de single player hetzelfde als Pandora Tomorrow. De kleine aanpassingen hier en daar zorgen er echter voor dat het niet al te vertrouwd overkomt en je toch de behoefte hebt om te blijven spelen.

Het mooiste en meest innovatieve aan Chaos Theory is zonder twijfel de co-op mode, die we tegenwoordig in meer en meer games zien opduiken. Hier kan je samen met een vriend of vriendin een viertal missies spelen. Deze missies zijn speciaal ontworpen om het samenwerken te bevorderen. Zo zal je hogere gebieden kunnen bereiken doordat één speler onderaan de muur gaat staan en jij op zijn schouders klimt. Dit zorgt voor ongeziene gameplay die werkelijk de moeite waard is. Jammer genoeg valt het op dat er toch meer werk is gestoken in de single player. Vier missies is namelijk erg weinig en ook qua leveldesign is het lang niet altijd even indrukwekkend als in singleplayer. Maar niet getreurd, de online optie is ook nog van de partij. Deze is grotendeels hetzelfde als vorig jaar, met hier en daar wat aanpassingen. Je kan nog steeds kiezen voor de spionnen of de huurmoordenaars. Tevens bevat het een aantal nieuwe maps alsook een paar oude bekenden. De maps zijn stuk voor stuk enorm groot, waardoor het aardig wat oefening vraagt om ze volledig te kennen. Al bij al is de online optie weer een mooie aanwinst, maar ik blijf toch een singleplayer fanaat.

Waar ik het meeste van schrok, en dan in de goede zin van het woord, zijn de graphics. Waar Pandora Tomorrow maar minuscule grafische veranderingen doorvoerde, maakt Chaos Theory een serieuze sprong voorwaarts. De levels zijn stuk voor stuk overgoten met bump-mapping van de bovenste plank, waardoor vooral de indoor levels er een pak mooier uitzien. Daarnaast zorgen de nieuwe ragdoll physics ervoor dat vijanden geloofwaardiger dan ooit tegen de grond gaan. Het valt helaas wel op dat de Xbox stilletjes aan tegen zijn limiet zit want er treden zo nu en dan haperingen op. Net voordat je wordt ontdekt, wil het beeld al eens even blijven hangen. Dus, zorg er gewoon voor dat je nooit wordt ontdekt en er is niets aan de hand. Op het geluid valt niets aan te merken. De soundtrack is heel opzwepend, met vreemde doch toepasselijke geluiden die je in die typische spionagesfeer onderdompelen. Ook de geluidseffecten mogen er zijn.

Splinter Cell: Chaos Theory is, ondanks de innovatieve co-op stand, geen enorme verbetering ten opzichte van Pandora Tomorrow. Anderzijds kan je daar niet om treuren want PT was al een pareltje. De verbeterde graphics, co-op mode en degelijke online stand maken van Chaos Theory een oerdegelijk spel. Ze zorgen ervoor dat Sam Fisher de kroon van stealthkoning mag behouden. Het enige wat mij nu nog rest is die irritante Airwaves reclame uit mijn hoofd te verbannen, maar daar helpt Chaos Theory absoluut niet mee. Het ziet er met andere woorden naar uit dat Sam nog enkele weken negatieve associaties bij me oproept.

Onze Score:
9.0
gerelateerd spel: Tom Clancy’s Splinter Cell 3: Chaos Theory
geplaatst in: Reviews, Ubisoft, Xbox
tags: ,


Leave a Reply