gaming sinds 1997

Cossacks II: Napoleonic Wars

Het is al een hele tijd de gewoonte van uitgevers om zoveel mogelijk WarCraft III klonen of Wereldoorlog II RTS games uit te brengen. CDV vond dat ze meer afwisseling nodig hadden in hun eindeloos gamma van WOII franchises. Met de hulp van ontwikkelaar GSC Gameworld presenteren zij dan ook de sequel op het succesvolle Cossacks. De focus ligt hier op grote slagvelden en de zeer precieze controle over je ‘trouwe’ soldaten. De legende van een ambitieus, Frans kereltje die luisterde naar de naam Napoleon geeft ons genoeg inspiratie om zelf het 19de eeuwse Europa te veroveren…

Na een amateuristisch full motion video introfilmpje is het tijd om echt te spelen. Een tutorial kan nooit kwaad en die van Cossacks II slaagt er goed in om de basistactieken uit te leggen. Troepen zijn geordend in bataljons en ze kunnen door alles en nog wat beïnvloed worden. Laat je je mannen bv. in een ‘Rank’ formatie rondlopen dan zullen ze al snel zonder krachten komen te zitten met als gevolg dat hun moraal zal dalen. Wil je dit vermijden dan is het aangeraden om wegen op te zoeken en de formatie op ‘Column’ in te stellen. De moraal meter bij elk squadron kan je eigenlijk ook zien als een soort van tweede health indicator. Een leger dat door angst/vermoeidheid bevangen wordt zal immers uiteenvallen, waarbij de manschappen weglopen en het leger dus praktisch geen bal meer waard is. Soldaten van een uiteengevallen bataljon kunnen later terug tot hun zinnen komen, maar je kan ze enkel nuttig aanwenden als goedkope verkenners tot ze zich weer aansluiten bij een andere groep. Wie deze moraal mechanieken té realistisch vindt kan nog de Arcade Mode activeren die deze effecten met de helft vermindert.

In de normale mode kan een raak salvo van één troepencompagnie al zelfs genoeg zijn om de vijand op de loop te doen slaan. Het is enkel een kwestie van weten wanneer en van waar je dat eerste schot moet lossen. Snipergeweren bestonden toen nog niet, elke zijde zat opgescheept met korte-afstandsmusketten die na elk schot terug herlaad moesten worden. Door op de Alt-toets te drukken zie je voor een squadron snel het korte bereik van hun vuurwapens, belangrijk hierbij zijn de hitzones. De groene hitzone ligt redelijk veraf, de gele op een kleine steenworp en in de rode hitzone kan je als het ware het buskruit van de vijand opsnuiven. Geduld hebben is een deugd hier, want eens de vijand in de rode hitzone terechtkomt moet je er niet aan twijfelen dat ze eraan gaan indien jij dan het bevel tot vuren geeft. Anderzijds dien je ook rekening te houden met het feit dat het herladen erg lang kan duren; geregeld terugtrekken is dus ook aangewezen. De laatste strohalm van een compagnie die zonder munitie zit of die geen tijd meer heeft om te herladen, zijn de bajonetten. Deze manier van oorlogvoeren klinkt omslachtig, maar in werkelijkheid is het heel spannend om te wachten tot wie het eerste durft vuren vooraleer de hel echt losbarst. De voor- en nadelen van de verschillende formaties, de ervaring die troepen kunnen opdoen, de mogelijkheid om maar een paar rijen van een bataljon te laten vuren en de eigenschappen van het 3D terrein maken het allemaal nog interessanter. Ingewikkelder ook, waardoor je in het begin veel de pause-optie zult gebruiken. Gaandeweg zal zelfs dat niet meer hoeven (wat van pas komt in multiplayer, zie ook verder).

Elke natie (Engeland, Frankrijk, Rusland, Pruisen, Oostenrijk en last but not least Egypte) heeft zijn specifieke infanterie, cavalerie, artillerie en gebouwen. Erg veel verschillen qua eigenschappen zijn er niet, maar de eenheden zien er natuurlijk wel anders uit. Het draait hier ook enkel om strijd over land, ik verwachtte geen uitgebreide postduiven luchtoorlog ofzo, maar gevechten op zee hadden wel gemogen. Nu kan je enkel op een paar maps in de Battle for Europe mode een fregat besturen dat langs de kust gelegen is, maar voor de rest kan je zelf geen havens bouwen. Wel een pluspunt is dat de grondstoffen in het spel de gameplay zwaar kunnen beïnvloeden. Hoe meer volk je in dienst neemt des te meer voedsel- en steenkoolreserves (voor buskruit) je zult moeten aanspreken. Soldaten kunnen op een lege maag niet vechten en elk afgevuurd schot betekent een automatisch verlies van steenkool. Niets is beschamender dan je mannen één voor één te zien sneuvelen uit hongersnood (het is wel een grappig zicht indien je het bij de vijand ziet gebeuren).

Eens de tutorial gedaan is, kun je aan de slag in de campagne. Verwacht geen innovatie hier noch een even sterke verhaallijn als de heilige standaard die StarCraft op dit vlak neerzette, gewoon het standaard gedoe dat we van de meeste RTS-games de voorbije jaren voorgeschoteld kregen. Een aaneenschakeling van weinig uitdagende missies en een paar hoofdpersonages die als helden naar voor komen doen niemand meer opkijken. Het pluspunt is wel dat je geleidelijk aan meer en meer mogelijkheden zult krijgen, waardoor deze campagne als een leerschool kan worden beschouwd.

In de Battle for Europe mode heb je een Europese landkaart die opgedeeld is in verschillende regio’s die je dan zal moeten veroveren om het spel te winnen. Vergelijk het gerust met het turnbased gedeelte van de Total War-reeks, hoewel GSC wel getracht heeft om anders uit de hoek te komen. (for the worse and for the better). Diplomatie is aanwezig, maar het is beperkt tot verdragen afkopen met goud, eerder dan echt uitgebreide onderhandelingen te voeren. Grondstoffen spelen ook hier een grote rol, hoewel het niet mogelijk is om de productie aan te passen of om handelswegen te bekijken, elke regio draagt gewoon zijn steentje bij per beurt.

Tijdens de gevechten in de Battle for Europe mode (die op een lokale map en in real-time verlopen) is het mogelijk om kleine dorpjes in te nemen en zij-objectieven te vervullen, wat een mooie toevoeging vormt op het simplistische ‘verover de map’-concept dat we uit de Total War games kennen. Opmerkelijk is dat op de globale map elke zijde maar één grote groep troepen heeft die zich elke beurt op Risk-achtige wijze één regio verder kan bewegen. De rest van het leger blijft gestationeerd in zijn gebied (en kan niet worden meegenomen). De bewegende groep staat onder leiding van de factieleider die bij elke veldslag in ervaring stijgt (en die zo geleidelijk aan meer troepen kan meenemen). De Europese landkaart bevat 24 regio’s en komt erg klein over. Er is altijd wel strijd aan de gang en elke beurt worden regio’s prijsgegeven of succesvol verdedigd, waardoor het lijkt alsof de conflicten wel een eeuwigheid duren (zodat na verloop van tijd ook de verveling de kop opsteekt). Eveneens vreemd is de manier van opslaan in deze mode; je maakt een profiel aan en na het afsluiten van de Battle for Europe mode worden je veroveringen (of nederlagen) op de globale map automatisch bij je profiel opgeslagen. Een vrij klungelige manier dus, je kan met andere woorden niet echt saven en als je eens met een andere natie wilt starten moet je weer een ander profiel aanmaken. Het betekent ook dat je niet kan saven tijdens de real-time gevechten. Battle for Europe is een leuke poging tot vernieuwing, maar het is eigenlijk een gemiste kans door al de beperkingen. Gamers die een uitgebreid turnbased gedeelte wel nodig vinden zullen hun gading elders moeten vinden (lees: Imperial Glory, Rome: Total War).

Gelukkig gelden de voornoemde bewaarmogelijkheden enkel in de Battle for Europe mode. Tijdens campagnes, battles en skirmish kan je zoveel saven als je maar wil. Battles zijn voorgekauwde scenarios met gigantische legers aan elke zijde. De meeste fun beleef je uiteindelijk in een simpele skirmish match (waardoor het extra zonde is dat er in deze mode maar 10 maps beschikbaar zijn, een map editor is trouwens ook nergens te bekennen). Bouw veel (en grote) huizen zodat je meer troepen kan recruteren, verzamel steen en hout met je boeren, stel grote legers samen en verover kleine dorpjes om hun goud-, steenkool-, voedsel- en ijzerreserves en productiemogelijkheden aan te spreken. De geslepen vos van een vijandelijke AI weet perfect deze vitale acties uit te voeren en vormt een goede uitdaging. Onderzoeks- en upgrade mogelijkheden zijn fel verminderd t.o.v. vorige Cossacks incarnaties, de controle behouden over je mannen op het slagveld neemt immers al genoeg tijd in beslag.

De intro is een FMV filmpje waarvan er ingame soms fragmenten durven tevoorschijn komen. Wanneer je bv. op een bataljon soldaten klikt dan zie je in een kleine rechthoekige kader onderaan of links van je scherm een opgeklede wannabe sergeant/kapitein zich de longen uit het lijf schreeuwen. Selecteer je een groep die net aan het herladen is dan kan het ‘echte herlaadwerk’ ook getoond worden in dezelfde kaders. Toegegeven, deze animaties lijken wat ‘campy’ op het eerste zicht, maar eigenlijk dragen ze alleen maar bij tot de atmosfeer en irriteren ze nooit (ze verdwijnen zelfs al na een aantal seconden). Muziek is ook aanwezig en hoewel er maar een handvol tracks beschikbaar zijn, wordt het nooit storend dat ze constant herhaald worden, wat al veel vertelt over hun kwaliteit. De geluidseffecten zijn in orde, maar meer valt er toch ook niet over te vertellen. Datzelfde geldt voor de stemmen. De eerste keer dat je een paar yankee stemmen een andere taal hoort spreken gaan je wenkbrauwen fronsen. Op dat vlak is de historische correctheid dus wat scheeftrokken, maar na een tijdje irriteert dat al lang niet meer en ben je bij nader inzien er zelfs blij om. Het authentieke Russisch, Duits, of zelfs Arabisch gebrabbel zou toch maar onverstaanbaar zijn.

Waar je je het meest aan kunt ergeren is de algemene performance. Het duurt al makkelijk een kleine minuut om een werkend hoofdmenu te bereiken (je strandt er wel vroeger maar daarna hangt het nog een tijdje vast) en eens ingame ervaar je geregeld een schokeffect dat zeker geen gevolg is van eventuele kanon-inslagen. De 3D maps zijn vrij klein en dus ook moeilijk de hoofdreden van dergelijke problemen. Nee, het zijn de 2D units zelf. Hoe meer troepen je aanmaakt en naar de tegenstander stuurt, des te lager zal de framerate liggen en des te moeilijker zal je naar verschillende secties op de map kunnen overspringen. Napoleonic Wars vreet intern geheugen, al was het zijn laatste avondmaal. 512MB RAM is geen luxe meer, maar een echt minimum. De laadtijden daarentegen zijn niet onaanvaardbaar lang. De eerste patch (49 MB) lost de stabiliteitsproblemen voor een deel op, maar het blijft niet netjes dat zoiets pas na de release lukt. De snelheid mag dan op zijn zachtst gezegd niet optimaal zijn, je krijgt wel een paar van de grootste veldslagen ooit te zien. De 2D units zijn gedetailleerd genoeg en zijn goed geanimeerd en het 3D terrein staat ook zeker niet mis. Tuurlijk, je hebt in Cossacks II niet de voordelen van een echte 3D engine (zo zijn er maar twee zoomniveaus), maar de graphics voldoen. Moeten we vergelijken met Rome: TW of beter nog Imperial Glory? In zeker zin wel, maar die spellen kunnen met hun engine lang niet hetzelfde aantal eenheden als in Cossacks II weergeven. De Battle for Europe mode kan je dan wel een (schuchtere) beweging naar het Total War concept noemen, maar veel van de belangrijkste spelmechanieken blijven toch nog meer met het Age of Empires-concept verweven. Start een simpele skirmish-sessie op en je ziet meteen de verschillen. Gebouwen, resources, andere dorpen innemen en dat alles in real-time op één map. Persoonlijk beschouwde ik die aspecten nooit als overbodig en vond ik ze zelfs bijdragen tot een veel betere gameplay.

Wat valt er over de multiplayer te zeggen? Wel, het is alleszins niet verwaarloosd. Start je eigen sessie (skirmish maps of battles) op en probeer zo hoog mogelijk op de wereldwijde ranking te geraken. De lobby-interface is duidelijk en zeer gemakkelijk in gebruik. De makers hebben zich ook de moeite getroost om een ‘persistent’ feature in dit deel van het spel te steken, met de toepasselijke naam van Landwars. De grote map van Europa is hier eveneens verdeeld in de zes gekende naties waarbij je je kan aansluiten. Een automatching systeem plaatst je dan tegenover een speler van een andere natie en van gelijkwaardig niveau. Indien je het daaropvolgende skirmish spelletje weet te winnen zal je punten voor jezelf en meer gebied voor je natie verkrijgen. Het vormt zeker en vast een leuk extraatje op de gewone matches. Het tempo van Cossacks II multiplayer ligt tamelijk hoog en wordt maar zelden saai, ook al kunnen conflicten gemakkelijk een paar uur in beslag nemen. Het is daarbij niet zo evident om veel te pauzeren als er aan de overkant tegelijk ook nog een menselijke speler bezig is. Het real-time coördineren van aanvallen en troepenverplaatsingen zonder onderbrekingen blijkt echter nog goed mee te vallen.

Cossacks II is trouw gebleven aan zijn voorganger en is tegelijk een mooi voorbeeld van de traditionele grootschalige RTS. GSC Gameworld heeft echter het economisch gedeelte niet weggelaten en dat kan ik alleen maar toejuichen. Ook de nieuwe tactische mogelijkheden die je troepen bezitten doen de gameplay niet verwateren. De performanceproblemen en de beperkingen van de nieuwe Battle for Europe mode vormen de negatieve tendenzen van het spel. Toch is het geheel nog net goed genoeg, zeker met de uitstekende multiplayer en skirmish gameplay.

Onze Score:
8.0
gerelateerd spel: Cossacks II: Napoleonic Wars
geplaatst in: PC, Reviews
tags: , , ,


Leave a Reply