gaming sinds 1997

Gears of War

Gears of War. Na een maandenlange, zorgvuldig door Microsoft gedirigeerde hype is hij er eindelijk. We kunnen eindelijk ondervinden of al de trailers en screenshots, die bij ons liters kwijl opwekten, het spel eer aangedaan hebben of er eerder een verkeerd beeld van geschetst hebben. Spel van het jaar of de grootste hoop gebakken lucht sinds mensenheugnis? Oordeel zelf…

Gears of War zal de geschiedenis ingaan als de game die een grafische revolutie teweeg bracht. Als eerste spel dat gebruik maakt van de fabelachtige Unreal Engine 3.0 is dit gewoon het mooist ogende spel tot nu toe. De modellen zijn van een ongeziene kwaliteit, de textures zijn loepzuiver en ongelooflijk gedetailleerd en de HDR-lichteffecten voelen enorm natuurlijk aan. Als je op de kleine dingetjes begint te letten, valt je op hoe mooi Gears of War wel niet is. Het metaal op je pantser blinkt mooi, als je een wapen afvuurt komt er rook uit de loop, die dan eventjes het zicht vertroebelt, regen sijpelt traagjes van de daken, het zonlicht kan je soms verblinden, enzoverder. De animaties zijn ook perfect weergegeven, zowel van je teamleden als van de Locust. De sprongen, koprollen, en strafebewegingen doen gewoon levensecht aan. Ik zou nog alinea’s kunnen vollullen over hoe fenomenaal goed dit spel eruit ziet, maar het komt op dit neer: Gears of War is pas echt next-generation.

Gears of War is een third-person actietitel, waarin dekking zoeken centraal staat. Als je zomaar met getrokken geweren op de Locust afstormt lig je voor je het weet onder de graszoden. Het komt er dus op aan om zo tactisch mogelijk te spelen en je constant te verschuilen achter autowrakken, muren, brokstukken, wasmachines, etc. Dat doe je met de A-knop, die ook nog wordt gebruikt voor duik- en rolbewegingen, het springen over obstakels, swat turns en misschien wel het belangrijkste: de roadie run, die neerkomt op al bukkend lopen. Wees er maar zeker van dat je het vaak zal gebruiken om van de ene beschutte plaats naar de andere te lopen. De keuze om één knop te gebruiken voor een veelheid aan bewegingen is een goede geweest, want de besturing voelt heel vlot en intuïtief aan. Toch is er ook een klein minpuntje aan het systeem verbonden: je doet soms dingen die je helemaal niet wilde.

Eigenlijk is Gears niet meer dan dat. Wanneer je vijanden tegenkomt, zoek je zo snel mogelijk dekking en begin je te schieten tot al het tegenpruttelende tuig bloedend tegen de vlakte ligt. Gears of War doet echter dat ene kunstje zó goed dat het nooit gaat vervelen. Dat is ook voor een groot deel te danken aan het erg afwisselende leveldesign. Je zal door nauwe steegjes moeten laveren, op grote open pleinen vechten, verlaten fabrieksgebouwen uitzuiveren, en door immense onderaardse grotten wandelen. Alle omgevingen stralen een grauwe, donkere sfeer uit. Er was echter één Act (Act 2, er zijn er vijf in totaal) die qua sfeerschepping met kop en schouders boven de rest uitstak. Act 2 speelt zich ‘s nachts af (op zich al creepy genoeg) en stelt je zenuwen danig op de proef. Zonder te veel te verklappen komt het erop neer dat je wordt opgepeuzeld als je je in donkere stukken begeeft.

Je moet dus constant van de ene lichtbron naar de andere rennen. Desnoods moet je er zelf creëren door gasflessen te doen ontbranden. Let wel: die flessen branden maar een beperkte tijd eer ze uitdoven (en jij dus het loodje legt). Dat zorgt voor een spannend kat-en-muisspelletje tussen jou en je omgeving. De game levert dus het bewijs dat graphics wel degelijk een effect kunnen hebben op gameplay.

Een van de sterkste punten van het spel is de co-op mogelijkheid. GoW spelen met een vriend in splitscreen of via Xbox Live is iets wat je echt móet gedaan hebben. De voldoening die je krijgt wanneer je samen doorheen een moeilijk stuk bent gekomen is immens.

Een levende speler is ook stukken efficiënter dan je AI-teamleden (die wel hun mannetje staan, maar eigenlijk niet echt uitblinken). Als een van beide sterft, kan hij/zij bovendien terug tot leven worden gewekt door de andere. De campagne is lekker uitdagend (ik raad iedereen aan te beginnen op hardcore), maar niet overdreven moeilijk en is ook rijkelijk getooid met checkpoints, wat de frustratiegraad beperkt. De casual-moeilijkheidsgraad is overigens iets te simpel om te spelen in co-op. In een uurtje of acht raak je wel door het spel heen (iets minder als je in casual speelt), wat niet zo veel is. Voor een game van dit kaliber mocht het toch wel ietsje meer zijn, zeker als je bekijkt dat bijvoorbeeld Resident Evil 4 makkelijk dubbel zo veel speelplezier biedt.

De Locust bieden zoals gezegd aardig weerwerk. Ze vallen altijd aan in groep en zullen je proberen te omsingelen als de omgeving er zich toe leent. Ze komen overigens in allerlei vormen en maten. Je hebt de gewone infanteristen, maar ook wretches (ongewapend, maar snel, klein en talrijk), boomers (gewapend met een bazooka) en de stevige Theron guards. Om ze te bestrijden heb je een klein, maar dodelijk arsenaal tot je beschikking. Je hebt de gebruikelijke speeltjes zoals pistolen, een burst-machinegeweer, een shotgun, maar de show wordt gestolen door de Lancer (en meer bepaald zijn gemonteerde kettingzaag) en de Hammer of Dawn. Die laatste moet je gebruiken tegen de allergrootste vijanden en laat een dikke laserstraal, afgevuurd door satellieten, neerkomen op zijn ongelukkig slachtoffer.

Het leukst is echter de kettingzaag-bajonet van het Lancer-machinegeweer. Wanneer een Locust te dicht komt kan je hem met de kettingzaag gewoon aan stukken rijten. Dat is een gruwelijk coole move, die gepaard gaat met liters rondspattend bloed. Vooral wretches zijn makkelijke prooien voor de chainsaw. Een leuke vondst is het herlaadsysteem. Een tik op de RB-knop doet een verschuivend pijltje en een balkje verschijnen, dat verdeeld is in een klein wit en groot zwart segment. Als je een tweede keer op RB drukt, en het pijltje stopt in de witte zone, dan krijg je een active reload, die sneller gebeurt dan wanneer je het pijltje laat lopen. Stop je hem echter in de zwarte zone, dan blokkeert je wapen en duurt het extra lang eer je terug kunt vuren. Doe je het echter volledig juist, dan krijg je zelfs een perfect active reload, waardoor de extra kogels in je magazijn meer schade doen.

Net als de graphics, staat ook het geluid op een enorm hoog niveau. De voice-acting van de hoofdrolspelers mag dan wel wat overdreven zijn (ze doen net ietsje te veel hun best om als een bad-ass soldaat te klinken), de wapeneffecten, explosies en omgevingsgeluiden zijn gewoon tot in de puntjes verzorgd. De kettingzaag maakt een geluid dat door merg en been gaat (letterlijk dan). Ook de soundtrack mag er wezen, ook al is die niet zo memorabel als -pak ‘em beet- Zelda of Metal Gear Solid. De muziek past zich wel subtiel aan aan de actie op het scherm.

De grootste tegenvaller is de multiplayer. Ik verwachtte niet dat Gears of War een revolutie op MP-gebied zou veroorzaken, maar het uiteindelijke resultaat is toch beneden mijn verwachtingen gebleven. In de drie modes (Warzone, Assasination en Execution) speel je met amper acht spelers op kleine maps. Alle drie de modes zijn in se varianten op ordinaire team deathmatch. Er zijn geen objective based of CTF-spelmodes, waardoor er weinig sprake is van tactiek tijdens matches. De meeste ronden zijn binnen de minuut afgelopen, waardoor het spelplezier voortdurend wordt onderbroken. Wel cool is dat je neergeschoten teamleden kan reviven als je er snel genoeg bij bent, want de tegenstander kan ook gewoon de gewonde speler aan stukken zagen of zijn hoofd plattrappen. Al bij al is spelen over Xbox Live leuk, maar voelt het toch aan als een gemiste kans. Er viel veel meer mee te doen.

Gears of War is een van die weinige games die, zelfs na een nooit geziene hype, toch quasi volledig de verwachtingen kan inlossen. De graphics zijn een mijlpaal voor videospellen, de co-op mode is ronduit geniaal en de gameplay is uitdagend en heerlijk brutaal. Meer nog: de kettingzaag in GoW is het leukste wapen sinds de Pheropods en Gravity Gun uit Half-Life 2. Maar het is niet al goud dat blinkt; de multiplayer is nergens baanbrekend, het spel is relatief snel uitgespeeld en het verhaal is niet veel soeps. Ondanks deze minpuntjes is Gears of War, op Ghost Recon: Advanced Warfighter na, voor mij het beste spel op de Xbox 360.

Onze Score:
9.0
gerelateerd spel: Gears of War
geplaatst in: Microsoft, Reviews, X360
tags: , ,


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>